Het autosalon, een snoepreisje voor elk kind.

Ik herinner me het autosalon als kind als iets grandioos. Een overweldigende belevenis van auto’s en mensen in fel belichte hallen. Een snoepreisje voor mij, wellicht een kwelling voor de ouders. Dat laatste vergeet je als kind tijdens het opgroeien.

Nu - jaren later - wil ik m’n kind hetzelfde laten beleven. Petekind mag ook mee. Ze zijn wel nog klein A. is bijna 3,5 & D. is net over de 2,5. We zullen wel zien wat het geeft. We beginnen met een voormiddag. Dan kunnen ze in de terugrit naar huis slapen. Klinkt als een goed idee.

Voor openingsuur komen we aan op de parking die al afgeladen vol staat. Het klinkt als een gek idee om je kind hier door de menigte te gaan sleuren. Uit vrije wil. Wanneer de deuren officieel opengaan, is de jacht op de auto’s begonnen. 

Bij de eerste hal, de eerste wagen, rennen de kinderen naar de auto’s. Het is hier, op de wandelpaden van de beurs, dat het voor elke vader het zwaarst is. De kinderen lopen gewoon rond en zonder omzien ontdekken ze de wereld van de auto’s en wij als vaders rennen erachteraan. Al dan niet brullend, met ons vizier op scherp om ze maar niet tussen de massa te verliezen.

De auto’s of moto's zelf zijn de gloriemomenten. De kinderen kruipen erin, over de zetels, spelen met knopjes en ramen. Ze hebben plezier, dat is zeker.  En voor ons zijn het de enigste momenten van ademhalen. Dan zitten ze opgesloten in een kooi van minstens 40.000 euro en is er even een hemelse rust. 

Het autosalon met een peuter is afzien, maar ze genieten wel met volle teugen.

Aan jullie om te kijken wat je het belangrijkste vindt. 


Met dank aan Mercedes voor tickets & de snoepjes.